nieuwe technologie

Corona en ventilatie

Deze richtlijnen zijn gebaseerd op het document “Covid-19 guidance” van Rehva (Federation of European Heating, Ventilation and Air conditioning Associations). Dat is op zijn beurt gebaseerd op de (beperkte) beschikbare kennis over Covid-19 en op de kennis opgedaan met het gelijkaardige Sars-CoV-1 en MERS virus.

Samenvatting

  1. Ventileer altijd (24/24) uw woning/kantoor en schakel deze nooit af.
  2. Vermijd verlaging van het luchtdebiet tijdens bepaalde periodes (bv ’s nachts of bij afwezigheid) of het uitschakelen ervan.
  3. Een 2-jaarlijks onderhoud door een erkend installateur verzekert u ervan dat het toestel goed zal functioneren en dat er bv geen lekverliezen optreden tussen toe- en afvoerlucht, condensafvoer functioneert, toestel inwendig wordt gereinigd (ventilatoren, warmtewisselaar,…), filtercontrole enz…
  4. Wijzigen van werking of setpunten van bevochtiging heeft geen zin.
  5. Extra reinigen van kanalen heeft geen zin.
  6. Extra vervangen van filters heeft geen zin, volg het standaard onderhoudsschema of filtermeldingen op uw toestel om filters te vervangen.
  7. Bij onderhoudswerkzaamheden en vervangen van filters zijn de nodige bescherming-maatregelen zoals mondmasker en handschoenen aan te bevelen.

Download de praktische richtlijnen ventilatie - covid19 

Overdracht van Covid-19

De volgende twee overdracht “routes” worden aanzien als de meest voorkomende:

  • via grote druppels/deeltjes uitgestoten bij niezen, hoesten of spreken
  • via oppervlakte contact, hand-hand of hand-oppervlak

Zie afbeelding (Donker blauw: druppels Licht blauw: overdracht via luchtstromen gekend van SARS-CoV-1)

Via de lucht zijn er twee blootstelling mechanismen:

  • Transmissie via grote druppels (> 10 micron), die vallen op oppervlakken niet verder dan ongeveer 1 à 2 meter van de geïnfecteerde persoon. Deze druppels worden gevormd bij het hoesten of niezen. De meeste van deze grote druppels kunnen vallen op nabijgelegen oppervlakken en objecten – zoals bureaus, tafels enz... Mensen kunnen dan geïnfecteerd raken door het aanraken van deze besmette oppervlakken of voorwerpen en raken dan met hun handen hun ogen, neus of mond aan. Als mensen binnen 1à 2 meter van een besmet persoon staan kunnen ze ook geïnfecteerd geraken door het inademen van druppels die vrijkomen van een geïnfecteerde persoon bij het niezen, hoesten of ademhaling.
  • Transmissie via de lucht door kleine deeltjes (< 5 micron), die uren in de lucht kunnen blijven hangen en worden vervoerd over lange afstanden. Deze worden ook gegenereerd door hoesten, niezen of praten. De grootte van een coronavirus deeltje is 80-160 nanometer en blijft actief voor enkele uren of een paar dagen tenzij er wordt schoongemaakt en ontsmet. SARS-CoV-2 blijft bv actief tot 3 uur in de binnenlucht en 2 à 3 dagen op oppervlakken bij normale binnencondities. Dergelijke kleine virusdeeltjes blijven in de lucht en kunnen over langere afstanden worden vervoerd in ruimtes of in de luchtafvoerkanalen van een ventilatiesysteem. Van het SARS-CoV-1 virus is geweten dat via luchtstromen infecties kunnen worden veroorzaakt. Voor Covid-19 is dit waarschijnlijk ook zo maar nog niet bewezen.

Er wordt aangenomen dat wanneer verschillende mensen met een korte afstand bij elkaar zijn in een gesloten ruimte er al een risico van verspreiding van de infectie is zelfs zonder hoesten of niezen.

Anderzijds wordt ook aangenomen dat de gesloten omgevingen met minimale ventilatie sterk bijgedragen aan een karakteristieke hoger aantal secundaire infecties.

Ventilatiesystemen: praktische aanbevelingen voor gebruik en onderhoud

Verhogen van toevoer- en afvoerventilatie

Wanneer er gewerkt wordt met een verlaging van het ventilatiedebiet bij afwezigheid , tijdens de nacht of met een weekprogramma wordt er aangeraden om deze verlagingen zo veel mogelijk uit te schakelen.

Ventilatiesystemen in kantoren en scholen waarbij ventilatiesystemen ’s nachts worden uitgeschakeld zouden zeker moeten blijven werken op een minimum debiet. Waar gewerkt wordt met een vraagsturing op basis van CO2 zou het setpunt verlaagd kunnen worden naar bv 400 ppm waarbij het debiet dan lineair sneller wordt verhoogd bij hogere CO2 waardes.

Het wordt algemeen aangeraden om zoveel mogelijk verse lucht binnen te brengen omdat dit zeker een positief effect heeft om de verspreiding van het virus in te perken.

Bevochtiging heeft geen effect op de verspreiding van het virus

De overdracht van sommige virussen in gebouwen kan worden beperkt door het veranderen van temperatuur en/of de luchtvochtigheid. In het geval van COVID-19 is dit helaas geen optie omdat coronavirussen goed bestand zijn tegen wisselende luchtcondities. Ze zijn alleen gevoelig voor een zeer hoge relatieve luchtvochtigheid boven de 80% en een temperatuur boven de 30°C.

Extra bevochtiging is niet de methode voor het verminderen van de levensvatbaarheid van coronavirussen.

Voor woningen uitgerust met een bevochtigingsysteem op het inblaaskanaal van het ventilatiesysteem moeten er geen setpunten aangepast worden. Het toestel moet niet worden in- of uitgeschakeld maar kan normaal blijven functioneren om de luchtcondities optimaal te houden.

Veilig gebruik van warmteterugwinningsystemen

Ventilatiesystemen D maken gebruik van een platen of roterende warmtewisselaar waarbij er altijd een klein lekverlies is. Dit is <2% voor platenwarmtewisselaars en <5% bij roterende warmtewisselaars. Bij deze laatste is het lek het grootst bij lage debieten en wordt het aangeraden om het luchtdebiet eerder te verhogen dan te verlagen. Er is geen reden om deze warmtewisselaars uit te schakelen.

Een regelmatig onderhoud aan een ventilatiesysteem kan wel bijdragen tot een goede en veilige werking, zeker in een periode waar een pandemie met (corona)virussen zich voordoet.

Techniekers die onderhoud uitvoeren wordt ook aangeraden de nodige beschermingsmiddelen te gebruiken zoals dragen van mondmasker, handschoenen enz…

Reinigen van kanalen heeft in de praktijk geen effect

Ventilatiekanalen zijn geen bron van besmetting. Virussen hechten zich niet vast aan de binnenkant van kanalen en zullen normaal mee afgevoerd worden met de luchtstroom naar buiten toe. Daarom hoeven kanalen niet (extra) gereinigd te worden.

Veel belangrijker is het regelmatig vervangen van filters, periodiek onderhoud van het ventilatietoestel en het debiet van het systeem eventueel te verhogen en verlagingen van het debiet of het uitschakelen ervan te voorkomen.

Extra vervangen van luchtfilters is niet nodig

De grootte van een coronavirus deeltje is 80-160 nanometer (ePM0.1) wat kleiner is dan het gebied van F7/8 filters (efficiëntie van 65-90% voor ePM1). Het is wel zo dat veel van dergelijke kleine deeltjes zich zullen hechten op de vezels van de filter door het diffusie mechanisme. Dit houdt in dat in zeldzame gevallen de fijnfilter in de verse luchtname een redelijk bescherming biedt tegen het met virus besmette buitenlucht met een lage concentratie.

Vanuit het oogpunt van vervanging van filters in ventilatiesystemen is er geen extra vervanging van filters nodig en mag de standaard vervanging volgens interval op tijd of filtervervuiling worden aangehouden. Verstopte filters op zich zijn geen bron van besmetting maar ze kunnen bij het niet tijdig vervangen wel de oorzaak zijn onvoldoende luchtdebiet wat absoluut te vermijden is.

Er wordt wel aangeraden om bij het vervangen van filters, zeker in gebouwen waar er een infectie is geweest, eerst het systeem wordt uitgeschakeld om de filters te vervangen met de nodige voorzorgsmaatregelen. Dit houd voornamelijk in, het dragen van handschoenen en een mondmasker. De filters worden best ook afgevoerd in een gesloten verpakking.

Nieuwe technologieën

Met deze merken maak je het verschil